Nieuwsbrief februari 2009
Geachte veehouder,
Het nieuwe weideseizoen staat weer voor de deur. Daarom willen wij u via deze nieuwsbrief attent maken op het beschermen van uw jongvee tegen longwormen. Voor de schapenhouders is er nog wat te lezen over de enting tegen “het bloed” en “zomerlongontsteking”. Tevens willen wij onze nieuwe dierenarts aan u voorstellen.
Longwormvaccinatie
Van oudsher is longwormziekte een typisch jongveeprobleem. Tegenwoordig komt het ook steeds vaker voor bij oudere dieren. Een belangrijke oorzaak is de verandering in het beweidingspatroon. Tevens leidt het overmatig gebruik van zeer effectieve ontwormingsmiddelen tot onvoldoende opbouw van de benodigde afweer.
De schade die in de longen wordt veroorzaakt is aanzienlijk en in de meeste gevallen blijvend. De voornaamste symptomen van aangetaste dieren zijn hoesten en een versnelde ademhaling. Bij ernstige infecties hebben de dieren ademnood en vermageren ze.
Om het jongvee goed te beschermen is het aan te raden om ze in hun eerste weideseizoen te vaccineren. Het vaccin bestaat uit verzwakte longwormlarven die dezelfde trektocht door het lichaam maken als gewone larven. Het dier bouwt hierdoor weerstand op en wordt levenslang immuun. De larven uit het vaccin kunnen geen ziekte veroorzaken of zich vermenigvuldigen.
Het vaccinatieschema is heel belangrijk en bestaat uit twee vaccinaties, waarvan de eerste minimaal 6 weken voor de weidegang moet worden gegeven. De tweede vaccinatie gebeurt 4 weken na de eerste. Het heeft geen zin om jongvee te vaccineren dat niet naar buiten gaat.
Jongvee kan vanaf de leeftijd van 6 weken worden gevaccineerd en dient vanaf vier weken voor de eerste tot en met twee weken na de tweede vaccinatie niet ontwormd te worden. Het vaccin wordt via de bek ingegeven.
Vaccinatie schapen tegen clostridium en pasteurellose
Om uw koppel schapen optimaal te beschermen tegen “het bloed” (veroorzaakt door Clostridium bacteriën) en “zomerlongontsteking” (veroorzaakt door Pasteurella bacteriën) is het nu al verstandig om over vaccinatie van uw drachtige schapen na te denken. De lammeren zijn op die manier optimaal beschermd. Drachtige ooien die nog nooit gevaccineerd zijn, moeten twee keer gevaccineerd worden met een interval van 4-6 weken, waarvan de tweede enting 4-6 weken voor het lammeren gegeven moet worden. Drachtige ooien die vorig jaar al gevaccineerd zijn, moeten nu één keer gevaccineerd worden 4-6 weken voor het lammeren. Er kan tevens voor gekozen worden om de lammeren te vaccineren vanaf een leeftijd van 3 weken en dan 4-6 weken later nog een keer. Op deze manier zijn zowel de heel jonge lammeren als de wat oudere lammeren optimaal beschermd en kunt u veel schade voorkomen.
Nieuwe dierenarts
Jacqueline Noordhof heeft onze praktijk verlaten en werkt nu in een praktijk in Castricum. Vanaf 12 januari is Jantien Haanebeek-van Beurden als dierenarts bij ons komen werken. Ze woont in Buren. Wellicht heeft u al kennis met haar gemaakt.
Met vriendelijke groet,
G.H. Mensen